Nieuws

Bepalen of een bouwwerk vergunningvrij is, is soms een kwestie van ‘afpellen’ en onze wetsgeschiedenis kennen

In ons ‘publieke domein’ staat de bescherming van de ruimtelijke kwaliteit nog hoog in het vaandel. Althans, deze bescherming wil onze wetgever zoveel mogelijk borgen met de zogenoemde ‘voor-achterkantbenadering’. Met het begrip ‘achtererfgebied’ in het Besluit omgevingsrecht is het de bedoeling dat aan de voorkant van gebouwen nauwelijks nog mag worden gebouwd zonder omgevingsvergunning. Maar goed, wat is nu het ‘achtererfgebied’?

Een kind

Ja, wat is nu een ‘achtererfgebied’? Dat is niet altijd makkelijk te zeggen. Natuurlijk vinden we in het Besluit omgevingsrecht een definitie, maar de crux zit ‘m in het toepassen van deze definitie in de praktijk. Ook roept de definitie zelf nog wel eens vragen op. Zo moet het achtererfgebied in elk geval ‘achter de lijn liggen die het hoofdgebouw op 1 meter achter de voorkant doorkruist.’

Vraag is dan bijvoorbeeld: wat is de ‘voorkant’? In de meeste gevallen kan een kind nog bedenken wat de voorkant is van een woning. Maar wat nu wanneer de woning een L-vorm heeft?

In deze handhavingszaak was dat de hamvraag. Een ‘buurman’ had een verzoek om handhaving ingediend tegen een (illegaal gebouwde?) schuur bij de woning van zijn buurman. B&W wijzen dit af. “Er is helemaal geen omgevingsvergunning nodig!” Aldus het college.

Bij de woning in kwestie verspringt de voorgevel van de woning. Er is sprake van een geveldeel met een lengte van ongeveer 6 meter en een terug gelegen geveldeel met een lengte van ongeveer 3 meter. Er ontstaat discussie welk geveldeel als de voorkant als bedoeld in de definitie ‘achtererfgebied’ moet worden aangemerkt.

Bezwaar en beroep worden ongegrond verklaard. De zaak belandt vervolgens aan de Kneuterdijk.

Afpellen

De Afdeling geeft aan dat het Besluit omgevingsrecht niets zegt over het begrip ‘voorkant’ in de definitie van ‘achtererfgebied’ in (artikel 1 van bijlage II van) het Besluit omgevingsrecht.

Onze hoogste bestuursrechter gaat daarom de zaak ‘afpellen’. Wanneer is er sprake van het ‘achtererfgebied’ (in de zin van het Besluit omgevingsrecht)? Wat is de voorgevel van de woning? Is dat niet duidelijk, dan kijk je eerst naar de ligging van de voorgevelrooilijn zoals die in het bestemmingsplan is aangegeven (artikel 1, eerste lid, bijlage II Besluit omgevingsrecht). Bestaat hier ook nog discussie over, dan is de feitelijke situatie doorslaggevend voor de vraag waar de voorgevel zit.

Het bestemmingsplan biedt voor de L-vormige woning echter geen duidelijkheid. De feitelijke situatie is dus bepalend. Zoals gezegd, verspringt in deze zaak de voorgevel van de woning en is er sprake van een geveldeel met een lengte van 6 meter en een terug gelegen geveldeel gelegen naast de schuur/berging met een lengte van 3 meter.

De Afdeling valt nu terug op de wetsgeschiedenis van het Besluit omgevingsrecht (Stb. 2014, 333, blz. 29). Hieruit blijkt dat de voorkant van het hoofdgebouw gevormd wordt door de gevel die bepalend is voor de hoofdmassa van het hoofdgebouw. Dat is in de regel de gevel met de grootste oppervlakte. En dat is in deze zaak het geveldeel met een lengte van 6 meter. Er is voor de Afdeling in dit geval geen aanleiding om van die hoofdregel af te wijken. Wanneer dit deel als de voorkant wordt aangemerkt, dan ligt de schuur in deze zaak helemaal in het achtererfgebied. Er is dus geen omgevingsvergunning nodig.

Bron: ABRvS 4 maart 2020, nr. 201903817/1/A1

Frank HabrakenBepalen of een bouwwerk vergunningvrij is, is soms een kwestie van ‘afpellen’ en onze wetsgeschiedenis kennen