Nieuws

Lang lelijk is niet lelijk

Iemand wil een lelijke romneyloods voor een hele lange periode in een ‘niet welstandsvrij gebied’ neerzetten. Tja, dat kan. Als de omgevingsvergunning voor bouwen maar voor 30 jaar of zo wordt aangevraagd.

Natuurlijk, ik ga er hier even vanuit dat de seinen voor de andere weigeringsgronden voor deze vergunning op groen staan (onder andere het Bouwbesluit en het bestemmingsplan). Maar kennelijk is het dus vrij eenvoudig om welstand voor een hele lange periode buiten spel te zetten.

In de onderhavige uitspraak ging het om een omgevingsvergunning (bouwen) voor windmolens die 30 jaar aanwezig zullen zijn. De Afdeling kan niets anders zeggen dan dat zelfs deze lange periode ‘tijdelijk’ en dus ‘welstandsvrij’ is. De wetgever heeft immers alle tijdelijke bouwwerken ‘welstandsvrij’ verklaard (artikel 2.10, eerste lid onder d Wabo).

Maar waar ligt de grens? 30 jaar? 50 jaar? Of zolang je er maar een tijdelijke periode aan koppelt?

Beroepsgronden over een esthetische aantasting van het open landschap of een pleidooi voor landschappelijke inpassing zijn dan ook bij tijdelijke bouwwerken kansloos (tenzij deze bouwwerken via de band van bijvoorbeeld landschappelijke waarden ter discussie kunnen worden gesteld).

De oude Woningwet uit de jaren ’90 maakte nog geen verschil tussen tijdelijke en permanente bouwwerken. De wetgever was toen nog de mening toegedaan dat wanneer een bouwwerk maar voor kortere tijd ergens staat, dit niets van doen heeft met de esthetische waardering van het bouwwerk. Maar goed, dat is sinds 2002 veranderd.

Enfin, je zou maar buurman zijn van die vergunninghouder met zijn lelijke romneyloods. Dan voelen die 30 jaar toch niet tijdelijk meer. Lijkt mij.

Bron: ABRvS 7 november 2018, nr. 201707660/1/R3 en 201710405/1/R3

Frank HabrakenLang lelijk is niet lelijk