Nieuws

Simpele afwijzing van een herhaald verzoek tot handhaving kan niet bij een andere verzoeker

Tenzij dit de moeder is van die 1e verzoeker tot handhaving

Je krijgt op je bureau opnieuw een verzoek tot handhaving tegen een illegale bouw. Het verzoek lijkt nagenoeg een kopie van een eerder door jou (namens B&W) afgewezen verzoek tot handhaving.
Goed, de argumenten zijn wat anders en het verzoek is ingediend door iemand anders. Maar het gaat weer over diezelfde – vermeende – illegale bouw. De feiten en omstandigheden zijn niks veranderd.

Simpel afwijzen dan maar door te verwijzen naar je eerdere beschikking? Daar is artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) toch voor bedoeld?

Pragmatisch wetsartikel
Nou, het klopt dat de wetgever met dit wetsartikel B&W de mogelijkheid bieden om (wanneer B&W dit willen) een herhaalde aanvraag om een vergunning of een herhaald verzoek tot handhaving, waarin geen nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd, zonder meer af te wijzen onder verwijzing naar de eerdere beschikking.

Hoewel het niet verboden is om opnieuw hetzelfde handhavingsverzoek in te dienen, reikt onze wetgever B&W de helpende hand met dit pragmatische wetsartikel. Het zou anders tot een onnodige werklast kunnen leiden.

Ook moeten B&W en (derde)belanghebbenden toch een keer weten waar ze aan toe zijn. Dat er dus zekerheid is over de vraag wat hun rechten en plichten zijn.

Gerust hart
Alleen in jouw zaak gaat het verzoek om handhaving weliswaar om dezelfde illegale bouw en zijn er ook geen nieuwe feiten of omstandigheden (nieuwe argumenten tellen niet!) aangevoerd, maar het verzoek is ingediend door iemand anders. En dan mag je dit verzoek niet simpel afdoen door te verwijzen naar je eerdere beschikking.

In beginsel kan er dus slechts sprake zijn van een herhaald verzoek tot handhaving (in de zin van artikel 4:6 Awb) wanneer deze is ingediend door dezelfde aanvrager.

Maar wanneer zowel de oude eigenaar van – bijvoorbeeld – het naastgelegen perceel van de illegale bouw, als de nieuwe eigenaar van dit perceel een verzoek tot handhaving indienen tegen die bouw, is hier dan ook niet sprake van ‘dezelfde aanvrager’? Nee dus, aldus de Afdeling.

Dit ligt echter anders wanneer er een bepaalde relatie bestaat tussen de 1e verzoeker en de 2e verzoeker. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een verzoek die door de moeder van de 1e verzoeker wordt ingediend. Daar trapt de rechter natuurlijk ook niet in en B&W kunnen dan ook met een gerust hart het verzoek van de moeder simpel afwijzen door te verwijzen naar de eerdere beschikking (ABRvS 30 oktober 2002, 200105634/1).

Bron: vorige week bepaald in ABRvS 17 juni 2015, 201406573/1/A1

Frank HabrakenSimpele afwijzing van een herhaald verzoek tot handhaving kan niet bij een andere verzoeker