Nieuws

Sta stil bij de parkeerellende die je bestemmingsplan kan veroorzaken! Een hele korte ‘parkeerhandleiding’:

Kijk bij het maken van een bestemmingsplan wat precies de parkeerbehoefte is van het gewenste initiatief. Niemand zit immers te wachten op foutparkeerders of (zogenaamd) ‘zoekverkeer’.

‘Parkeerhandleiding’ voor ruimtelijke plannen
Hoe je dat doet? Nou, neem hiervoor de volgende stappen (onder meer bepaald in ABRvS 30 maart 2011, 200906021/1/R1):

1. Kijk wat de parkeerbehoefte is van het initiatief.

2. Geef vervolgens in een verkavelingsplan (situatietekening, inrichtingstekening of aan de hand van de verbeelding) aan hoeveel parkeerplaatsen zijn voorzien.

3. En ten slotte moet je er natuurlijk voor zorgen dat de regels van het bestemmingsplan de benodigde hoeveelheid parkeerplaatsen niet in de weg staan.

Als je dit volgens deze parkeerhandleiding doet, dan kun je ook met droge ogen beweren dat voor het initiatief voldoende parkeerplaatsen worden voorzien.

Overigens hoeft het bestemmingsplan slechts te voorzien in de parkeerbehoefte die het bestemmingsplan genereert.

Parkeerbehoefte
Om te bepalen wat de parkeerbehoefte is van een initiatief, kun je kijken in de CROW-publicaties van het Nationale Kennisplatform voor Infrastructuur, Verkeer, Vervoer en Openbare Ruimte.

Maar je bent niet verplicht om de parkeerkencijfers van de CROW-publicaties over te nemen. Je hebt alle (beleids)vrijheid om af te wijken van deze parkeerkencijfers. Zo kun je ook eigen, op de plaatselijke situatie afgestemde, parkeernormen vaststellen (ABRvS 1 december 2010, 201005029/1/H1).

En je mag ook aansluiten bij een oudere versie van de CROW-publicatie. Dat is vandaag nog een keer bepaald (ABRvS 2 oktober 2013, 201300554/1/R3). In deze zaak gaf het parkeerbeleid van de gemeenteraad aan, dat het benodigd aantal parkeerplaatsen bij een nieuwe ontwikkeling afgeleid moest worden van de oude CROW-publicatie 182 (en wel de ‘bovenkant’ van deze kencijfers). En dit terwijl we sinds 2012 toch al een nieuwe CROW-publicatie (317) kennen. Maar dat is dus geen probleem.

Overigens is het wel slim om in je parkeerbeleid te verwijzen naar de kencijfers van de CROW-publicatie. In deze publicatie worden immers de kencijfers voor ongeveer honderd bestemmingen beschreven. Maar goed, dat mag je dus zelf weten.

Bouwverordening versus bestemmingsplan
Maar het parkeren is toch geregeld in de bouwverordening? Ja, dat klopt. Maar los van het feit dat parkeernormen ruimtelijk relevant zijn (ABRvS 13 mei 2009, AB 2009, 253), is het voor de (nabije) toekomst wel zo verstandig om het parkeren sowieso in de ruimtelijke plannen en niet (meer) via de bouwverordening te regelen.

De grondslag om parkeernormen in de bouwverordening te regelen (artikel 8, lid 5 van de Woningwet) zal immers (ooit) verdwijnen. En wanneer je (nu) het parkeren regelt in je bestemmingsplan, dan treedt voor dat onderwerp de bouwverordening terug (artikel 9 van de Woningwet).

Belangrijker nog: wanneer de parkeernormen niet meer in de bouwverordening mogen worden geregeld, dan is er voor jouw plangebied niets aan de hand. Je hebt dit immers al in het bestemmingsplan geregeld.

Borgen van parkeerplaatsen
Zoals gezegd, moeten de regels van het bestemmingsplan de benodigde hoeveelheid parkeerplaatsen in ieder geval niet in de weg staan. Maar je kunt ook een stapje verder gaan.

Je kunt in de regels ook bepalen dat er voldoende parkeerplaatsen op ‘eigen terrein’ worden aangelegd. Maar mocht dit niet genoeg zijn, dan lijkt onze hoogste bestuursrechter er geen moeite mee te hebben of deze parkeerplaatsen op eigen terrein dan wel in het openbaar gebied zijn te vinden (ABRvS 25 november 2009, 200806057/1/R2). Als er maar genoeg parkeerplaatsen zijn.

Omdat regels over de aanleg van parkeerplaatsen ruimtelijk relevant zijn, kun je zelfs de aanleg van een x-aantal parkeerplaatsen op eigen terrein in de vorm van een voorwaardelijke verplichting in de regels van je bestemmingsplan opnemen.

Het gewenste gebruik (van het initiatief) is dan alleen toegestaan onder de voorwaarde dat de in het bestemmingsplan aangeduide parkeerplaatsen worden aangelegd. Wordt aan die voorwaarde niet voldaan, dan wordt in strijd met het bestemmingsplan gehandeld en kan tegen die overtreding (bestuursrechtelijk) worden opgetreden (ABRvS 16 juni 2010, M&R, nr. 10, 92, noot).

Bron: de genoemde rechtsbronnen, waaronder de uitspraak van vandaag ABRvS 2 oktober 2013, 201300554/1/R3

Frank HabrakenSta stil bij de parkeerellende die je bestemmingsplan kan veroorzaken! Een hele korte ‘parkeerhandleiding’: