Nieuws

Landjepik & omgevingsvergunningen is een kwestie van wanneer je wat weet

Stel, er wordt een aanvraag voor een bouwwerk ingediend. Het bouwplan wijkt wel af van het bestemmingsplan, maar dit is met een binnenplanse omgevingsvergunning te fixen.

Deze vergunning om af te wijken van dit bestemmingsplan kan echter niet worden verleend, wanneer het overduidelijk (evident) is dat het bouwplan over de erfgrens wordt gebouwd. Een privaatrechtelijke belemmering dus. In dat geval moet de burgerlijke rechter eerst maar een oordeel vellen of dit allemaal wel kan (ABRvS 17 oktober 2012, 201200094/1/A1).

Zonneklaar landverovertje
Maar ja, wanneer is die privaatrechtelijke belemmering overduidelijk? Nou, hier is in ieder geval sprake van wanneer je zonder nader onderzoek kan vaststellen dat het bouwplan is voorzien op gronden van (bijvoorbeeld) de buurman. En natuurlijk moet het ook duidelijk zijn dat die buurman dit helemaal niet leuk vindt.

Wanneer je echter (in ieder geval op het moment dat je het besluit neemt) niet uit de stukken van de aanvraag en/of de omgevingsvergunning kunt afleiden dat er wordt gebouwd op de grond van die buurman, dan is er géén sprake van een zogenaamde ‘evidente privaatrechtelijke belemmering’. De omgevingsvergunning om af te wijken van het bestemmingsplan (inclusief de bouwactiviteit) kun je dan gewoon verlenen.

Mosterd na de maaltijd
Mocht de buurman pas in de beroepsfase met een rapport (van bijvoorbeeld het Kadaster) op de proppen komen, dan is dat te laat (om in ieder geval de vergunning onderuit te halen). Dit rapport kon jij immers niet bij je beoordeling betrekken.

Bron: vandaag bepaald in ABRvS 6 februari 2013, 201113059/1/A1

Frank HabrakenLandjepik & omgevingsvergunningen is een kwestie van wanneer je wat weet