Nieuws

Onwrikbare jurisprudentie als het gaat om ‘verplaatsbare bouwwerken’

Handhaving ‘verplaatsbare bouwwerken’
Je kent ze wel. De reclameborden die op een aanhangwagen langs de autosnelwegen zijn geplaatst. Vaak illegaal neergezet. Wanneer hiertegen handhavend wordt opgetreden, dan wordt door de overtreder al gauw geroepen dat dit geen bouwwerk is.

Die vlieger gaat natuurlijk niet op. Als je kijkt naar het begrip ‘bouwwerk’ (dé definitie vind je terug in de modelbouwverordening, aldus ABRvS 19 oktober 2011, 201102345/1/H1) én weet dat deze reclameobjecten bedoeld zijn om zo lang mogelijk te blijven staan, dan ben je er al. Een bouwwerk dus. Geen discussie mogelijk. Ook al zijn die dingen in theorie verplaatsbaar (ABRvS 10 september 2008, 200708908/1).

Vergunningverlening ‘verplaatsbare bouwwerken’
Maar ook bij de vergunningverlening kom je deze discussie tegen. Zo werd er vandaag door de Afdeling over een weigeringsbesluit voor een bouwvergunning uitgesproken dat een ‘verplaatsbare longeercirkel’ ook een bouwwerk is. De longeercirkel is immers bedoeld om een lange tijd op dezelfde plaats te functioneren. Hierbij werd ook de omvang van de constructie betrokken.

Een longeercirkel is overigens een omheinde ruimte waarbinnen paarden en pony’s aangelijnd getraind of opgeleid worden (toegegeven: ik moest het ook opzoeken wat het was). De afmetingen van een longeercirkel liggen tussen de 13 en maximaal zo’n 20 meter doorsnede.

En dus kom je – net als de ‘verplaatsbare’ reclameobjecten – ook bij een vergunningplicht uit.

Creatief betoog
De appellant probeerde vervolgens nog om dit bouwwerk vergunningvrij te krijgen, door te betogen dat de geplaatste hekken vergelijkbaar waren met een erf- of perceelafscheiding (op zich wel creatief bedacht), maar ook hiermee kreeg hij nul op zijn rekest.

Een longeercirkel vormt immers een constructie, die functioneel heel anders is dan een erf- of perceelafscheiding in de zin van Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken (ABRvS 8 maart 2006, 200505919/1). En dat zal onder het Besluit omgevingsrecht niet veel anders zijn.

Bron: vandaag uitgesproken in ABRvS 25 april 2012, 201107857/1/A1

Frank HabrakenOnwrikbare jurisprudentie als het gaat om ‘verplaatsbare bouwwerken’