Nieuws

Onderzoek naar erfdienstbaarheid als mogelijke ´spelbreker´ voor een binnenplanse ontheffing

Privaatrechtelijke belemmering
Een binnenplanse ontheffing kan niet worden verleend, wanneer een privaatrechtelijke belemmering met een evident karakter dit in de weg staat. De burgerlijke rechter is immers de eerst aangewezene om de vraag te beantwoorden of een privaatrechtelijke belemmering in de weg staat aan de uitvoering van een activiteit. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn wanneer ten laste van het betrokken perceel een recht van erfdienstbaarheid is gevestigd.

Onbetaald kadasteronderzoek
Wanneer dit vermoeden bestaat, is het dus verstandig om vóór de vergunningverlening bij het onbetaald toegankelijke gedeelte van de website van het Kadaster te checken of er daadwerkelijk een erfdienstbaarheid is gevestigd.

Erfdienstbaarheidsonderzoek
Nu kan het zijn dat je ‘tegenpartij’ alsnog met een erfdienstbaarheidsonderzoek aannemelijk maakt dat er toch sprake is van een erfdienstbaarheid. Maar gelet op de eis dat de privaatrechtelijke belemmering een ‘evident karakter’ moet hebben, moet natuurlijk uit dit erfdienstbaarheidsonderzoek ondubbelzinnig blijken dat er (op het moment dat het besluit is genomen) ook sprake is van een erfdienstbaarheid.

In deze zaak was de uitkomst uit het erfdienstbaarheidsonderzoek flinterdun, omdat de inschrijvingen in het Kadaster ‘mogelijk’ een erfdienstbaarheid bevatten. Hiertegenover stond het onderzoek van B&W bij het onbetaald toegankelijke gedeelte van de website van het Kadaster. En hier bleek dus uit dat er geen sprake was van een erfdienstbaarheid. Enfin, de Afdeling vond daarom dat er geen sprake was van privaatrechtelijke belemmering met een evident karakter. De ontheffing en bouwvergunning bleven dus overeind.

Bron: ABRvS 11 januari 2012, 201105184/1/H1

Frank HabrakenOnderzoek naar erfdienstbaarheid als mogelijke ´spelbreker´ voor een binnenplanse ontheffing