Nieuws

Een eigenaar of een huurder verrekt ’t om mee te werken met een nieuwe bestemming. Wat kun je hiertegen doen?

Eigenaar ligt dwars voor een gewenste bestemmingswijziging
Eigendom van gronden is geen criterium bij de vraag of het project overeenstemt met een goede ruimtelijke ordening.

Dit is alleen anders wanneer het bij voorbaat al overduidelijk is dat de eigenaar niet van plan is om met de beoogde wijziging van de bestemming mee te werken. Daarmee zal de bestemmingswijziging niet binnen de planperiode worden ingevuld. In dat geval is het bestemmingsplan in strijd met de goede ruimtelijke ordening vastgesteld (ABRvS 15 april 2011, 200902795/1/R3). Dit vloeit ook voort uit de Wet ruimtelijke ordening (artikel 3.1, tweede lid Wro), waarin is bepaald dat elke 10 jaar de bestemming van gronden wordt vastgesteld.

Maar… als je (namens de raad) aangeeft bereid te zijn om de gronden minnelijk te werven en indien nodig te onteigenen, dan is de uitvoerbaarheid wel gewaarborgd (ABRvS 22 december 2010, 201001324/1/R2).

Het is daarom wel slim om te checken of je gemeente bereid is om in het ergste geval te onteigenen. Als het moet zijn, kun je dit dan nog tijdens de zitting roepen.
Overigens geeft de jurisprudentie tot op heden nog geen duidelijkheid hoe serieus de start van de (voorgenomen) onteigeningsprocedure moet zijn.

Met het huidige economische klimaat zullen gemeenten echter minder snel bereid zijn om te onteigenen. Het is dan zaak om de eigenaren binnen het plangebied te overtuigen van de nut & noodzaak van de nieuwe bestemmingen.

Huurder ligt dwars voor een gewenste bestemmingswijziging
Wanneer wel de eigenaar bereid is om mee te werken met een wijziging van de bestemming, maar de huurder gelooft ’t wel, dan biedt ons Burgerlijk Wetboek mogelijkheden om toch de gewenste bestemming te verwezenlijken.

Een rechter kan immers een vordering om de huurovereenkomst te beëindigen toewijzen wanneer de verhuurder de nieuwe bestemming wel wil realiseren (artikel 7:274, eerste lid, onder e BW en ABRvS 19 januari 2011, 200906756/1/R3).

Bron: ABRvS 22 juni 2011, BR 2011/152, noot (oktober 2011)

Frank HabrakenEen eigenaar of een huurder verrekt ’t om mee te werken met een nieuwe bestemming. Wat kun je hiertegen doen?