Nieuws

Een milieuvereniging hoeft in beroep tegen een besluit niet meer in haar statuten te vermelden voor welke diertjes zij op de barricade staat

Wanneer een milieuvereniging in beroep gaat tegen een besluit, dan toetst een rechter of de belangen die met dit besluit zijn gemoeid, ook daadwerkelijk door een milieuvereniging worden behartigd (zie artikel 1:2, derde lid Awb). Welke belangen dit zijn, vind je terug in de statuten van die vereniging. Het is nu echter niet meer noodzakelijk dat deze statuten tot op de diersoort nauwkeurig vermelden voor welke diersoort de vereniging opkomt.

Betoog vergunninghouder
In deze zaak vond de vergunninghouder (Waterkrachtcentrale Grensmaas) dat de vereniging Visstandverbetering Maas (voor de sportvisserij) geen rechtstreeks belang had. De bestreden Natuurbeschermingswetvergunning ziet namelijk alleen op de vissoorten rivierprik, rivierdonderpad en zalm. En deze soorten zijn feitelijk niet van belang voor de hengelsport.

Oordeel Afdeling
De Afdeling is hier echter snel klaar mee. De statutaire doelstelling en de feitelijke werkzaamheden van de vereniging zijn doorslaggevend. De feitelijke situatie is niet van belang.

Eerder oordeel Afdeling
Eerder dit jaar had de Afdeling nog bepaald dat wél precies uit de statuten moest blijken voor welke diersoorten de vereniging opkomt (ABRvS 31 maart 2011, AB 2011/160). Dat zou voor verenigingen nog geen eenvoudige opgave zijn geweest. Hoe ver moet je immers gaan met die lijst van diersoorten in je statuten? En moeten de feitelijke werkzaamheden ook specifiek op deze soorten zijn gericht?

Hoe dan ook, voor milieuverenigingen is de weg naar de rechter nu in ieder geval een stukje gemakkelijker gemaakt.

Bron: ABRvS 14 september 2011, TBR 2011/170, noot en ABRvS 31 maart 2011, AB 2011/160, noot

Frank HabrakenEen milieuvereniging hoeft in beroep tegen een besluit niet meer in haar statuten te vermelden voor welke diertjes zij op de barricade staat